| Wij (John en Olly) moesten wachten. Wachten op de trein waar Szandra, Roland en Attila in zitten. Met alle bagage in de huurauto was er geen plaats voor de familie Rostas. Zij moesten dus met de trein. Geen probleem, vroeger moesten Roma ook wel eens met de trein. Alleen kwamen sommigen toen nooit meer terug. Waarom ook al weer? Geen plaats in het land waar zij woonden, ander uiterlijk, vreemde taal, onduidelijke herkomst. Gelukkig is het nu allemaal anders! Discriminatie mag niet meer.
Ondertussen wachten we nog steeds op de trein. Een café aan het perron biedt uitkomst. De koffie is prima, de sfeer gemoedelijk. Dan stappen Szandra, Roland en Attila van de trein en maken aanstalten om het café binnen te gaan. Ho, wacht, waar moet dat heen? Dat gaat zomaar niet, we gaan sluiten! Szandra vraagt zich in al haar onschuld nog af waarom het zo onvriendelijk medegedeeld wordt. We bestellen desondanks cola en bier voor iedereen. Zodra ze merken dat die Roma op een of andere manier bij ons horen worden de sluitingstijden verruimd....
|
 |